Heilige Jozefmaria
Woorden van de heilige Jozefmaria

Anderen gelukkig maken

Tags: Vreugde, Priesterlijke ziel, Vriendschap, De liefde van God, Apostolaat
De Heer zegt ons vanaf het Kruis: Ik lijd, opdat mijn broeders de mensen gelukkig worden, niet alleen in de hemel, maar - voor zover mogelijk - ook op aarde, door de allerheiligste wil van mijn hemelse Vader te doen.
De Smidse, 275

Zij aan zij
Apostel zijn, het vurige verlangen dat het hart van iedere christen verteert, is in de kern niets anders dan het werk van elke dag. Het vormt een eenheid met dat werk dat de kans biedt Christus zelf te ontmoeten. Als we onze krachten bundelen, schouder aan schouder met onze collega's die dezelfde idealen hebben, met onze vrienden en onze familieleden, zullen we hen bij het doen van ons werk kunnen helpen te naderen tot Christus die op ons wacht aan de oever van het meer. Eerst visser zijn, dan apostel. Apostel geworden weer visser zijn. Voor en na hetzelfde beroep.
Vrienden van God, 264

Studie is apostolaat
Als je weet dat studie apostolaat is en je doet niet meer in je studie dan met je hakken over de sloot komen, gaat het duidelijk slecht met je innerlijk leven.

Door die nalatigheid verlies je de goede geest en als je je niet betert, sluit je jezelf misschien wel uit van de vriendschap met de Heer en blijf je steken in de modder van je gemakzuchtige berekening, net als die knecht uit de parabel die listig het talent dat hij had ontvangen, wegstopte.
De Voor, 525

Je hart vergroten
Hoe dichter de apostel bij God staat, des te universeler is hij: zijn hart wordt wijder, zodat alles en iedereen een plaats krijgt in zijn verlangen, heel de wereld aan Jezus” voeten te leggen.
De Weg, 764

Alle zielen bereiken
Degenen die Christus ontmoet hebben, mogen zich niet meer in hun eigen wereldje opsluiten: wat zou zo'n inperking een trieste zaak zijn! Zij moeten zich als een waaier openen om alle zielen te bereiken. Ieder moet zijn vriendenkring maken - en deze groter laten worden - waar hij invloed op kan uitoefenen door het prestige dat hij heeft in zijn beroep, door zijn gedrag en zijn vriendschap, met de bedoeling dat Christus invloed zal uitoefenen door middel van dat beroepsprestige, dat gedrag en die vriendschap.
De Voor, 193

Vijftig procent van de energie gaat soms verloren aan onderlinge twisten die voortvloeien uit het ontbreken van naastenliefde en uit geroddel en geklets over elkaar. Dan gaat nog eens vijfentwintig procent van het werk verloren door het optrekken van onnodige bouwsels voor het apostolaat. Als men wil dat de mensen voor honderd procent apostel worden, moet men geen geroddel dulden en geen tijd verliezen met het neerzetten van zoveel gebouwen.
De Smidse, 369

Beleef de heilge Mis!
Een overweging van een priester die veel van God hield kan je daarbij helpen: Is het mogelijk, mijn God, deel te nemen aan de heilige Mis zonder heilig te worden?

En hij ging verder: Ik zal opnieuw het voornemen maken om iedere dag mijn toevlucht te zoeken in de open zijde van mijn Heer!

Doe jij hetzelfde!

De Smidse, 934


Een machtig middel dat het antwoord is op alles
Je vraagt wat je zou kunnen doen voor een vriend die zich alleen voelt.

Ik zal zeggen wat ik altijd zeg, want we hebben een machtig middel tot onze beschikking dat alles oplost: bidden. Op de eerste plaats bidden. En dan voor hem doen, wat je zou willen dat ze in zo'n situatie voor jou zouden doen.

Zonder hem te vernederen, moet hij geholpen worden op een manier die gemakkelijk maakt wat hij moeilijk vindt.
De Smidse, 957

Ontbreekt het je aan liefde?
Zie eerlijk onder ogen op welke manier je de Meester volgt. Bekijk of je overgave alleen formeel en droog is, met een geloof zonder warmte; of het je in de loop van de dag aan nederigheid, aan offergeest, aan inzet ontbreekt; of er bij jou alleen maar een façade is, of je aandacht besteedt aan de kleine eisen van elk ogenblik..., kortom: of het je wellicht ontbreekt aan Liefde.

Als dat zo is, moet het je niet verwonderen dat je niet doeltreffend bent. Doe er iets aan! Begin met de hulp van Onze Lieve Vrouw opnieuw.
De Smidse, 930