HomeVragen en antwoorden over het geloofBetlehem, De Basiliek van de Geboorte
Vragen en antwoorden over het geloof

Betlehem, De Basiliek van de Geboorte

Tags: Jaar van het geloof, Heilig Land
In de Voetstappen van het Geloof
Reizen door het Heilig Land


‘Om via de bladzijden van het heilig evangelie tot de Heer te komen, beveel ik altijd aan te proberen zo in de gebeurtenissen op te gaan, dat u een extra personage in het tafereel wordt’.
Vrienden van God, 222.

Kort geleden heeft Benedictus XVI eraan herinnerd dat het Heilig Land soms ‘het vijfde Evangelie’ wordt genoemd. Want Jezus is geboren op een vastgestelde tijd en in een echte plaats, in een stukje land aan de rand van het Romeinse Rijk. In dat land heeft onze Heer geleefd en is er gestorven voor alle mensen.
Te beginnen in september 2012 zal deze website een sectie bieden met Reizen door het Heilig Land, om de plaatsen waar Christus op aarde leefde meer bekendheid te geven. De reizen zijn nuttige gidsen voor hen die in de gelegenheid zijn de Heilige Plaatsen zelf te bezoeken.

Betlehem, wieg van de dynastie van David
Jezus werd geboren in een stal in Betlehem, zo zegt de Schrift, ‘omdat er voor hen geen plaats was in de herberg’ Lc 2,7, De Smidse 274
Betlehem is gesticht door de Kanaänieten rond 3000 voor Chr. De plaats wordt in enkele brieven genoemd, die door de Egyptische gouverneur van Palestina aan de farao gestuurd zijn rond 1350 voor Chr. Later is het door de Filistijnen veroverd. In de Heilige Schrift komt de eerste vermelding van Betlehem in het boek Genesis voor. Betlehem werd in die tijd ook Efrata, ‘de vruchtbare’ genoemd. In Genesis wordt gesproken over de dood en begrafenis van Rachel, de tweede vrouw van de Aartsvader Jakob. ‘Toen Rachel gestorven was, werd zij begraven langs de weg naar Efrata of Betlehem’ (Gn 35,19).

Geboorteplaats van Jezus. Foto: Darko Tepert (Wikimedia Commons).
Geboorteplaats van Jezus. Foto: Darko Tepert (Wikimedia Commons).
Later, toen het land werd verdeeld onder de stammen van het Uitverkoren Volk, werd Betlehem bij Juda ingedeeld. Het was de geboorteplaats van David, de herdersjongen, de jongste zoon van een groot gezin, die door God was gekozen om de tweede koning van Israël te zijn. Vanaf dat moment was Betlehem verbonden aan de dynastie van David. De profeet Micha voorzegde dat daar, in die kleine plaats, de Messias geboren zou worden. U, Betlehem in Efrata, al bent u klein onder Juda’s stammen, toch zal er, zeg Ik, iemand uit u voortkomen die over Israël gaat heersen. In het verre verleden ligt zijn oorsprong, in lang vervlogen dagen. Daarom zal Hij hen niet langer overlaten aan hun lot dan tot de tijd dat zij die baren zal, haar kind gebaard heeft. Dan komt de rest van zijn broeders weer samen met de zonen van Israël. Dan neemt Hij de macht in handen en hoedt Hij hen door de kracht van de HEER, de verheven naam van de HEER, zijn God. Zij zullen in veiligheid wonen, omdat Hij zijn macht zal laten reiken tot aan de uiteinden van de aarde: (Mi 5,1-3).

Enkele delen uit deze passage zijn verbonden met de profetieën van Jesaja over de Messias (cf Jes 7:14; 9:6-7; en 11:1-4) en eveneens met andere Schriftteksten die een toekomstige afstammeling van David aankondigen (cf 2 Sam 7:12-16 en psalm 89 (88):3-4. De Joodse traditie zag de woorden van Micha als een profetie over de komst van de Messias, zoals blijkt uit verschillende passages in de Talmud (cf Pesachim 51, 1 en Nedarim 39, 2). Ook de H. Johannes evangelist beschrijft in zijn evangelie de visie van de Joden waar de Messias vandaan zou komen: Zegt de Schrift niet dat de Messias uit het geslacht van David komt en uit Betlehem, de woonplaats van David? (Joh 7,42).
Het is het evangelie van Matteüs dat de profetie van Micha letterlijk aanhaalt, wanneer Herodes de priesters en schriftgeleerden vraagt waar de Messias geboren zou worden. Ze zeiden hem: ‘In Betlehem in Judea. Want zo staat het geschreven bij de profeet: Betlehem, land van Juda, u bent zeker niet de minste onder de leiders van Juda, want uit u zal een leider voortkomen, die herder zal zijn van mijn volk Israël. (Mt 2,5-6).

Altaarstuk op de geboorteplaats van Jezus. Foto: Leobard Hinfelaar
Altaarstuk op de geboorteplaats van Jezus. Foto: Leobard Hinfelaar
God wordt in Betlehem geboren
In het begin van de eerste eeuw was Betlehem een dorp met niet meer dan duizend inwoners. Het bestond uit een kleine groep huizen die verspreid langs een bergrand lagen, beschermd door een muur die in een slechte staat van onderhoud verkeerde. De muur was grotendeels ingestort omdat deze bijna duizend jaar eerder gebouwd was. De inwoners leefden van landbouw en het hoeden van dieren. Zij hadden goede tarwe- en gerstvelden in de brede vlakte aan de voet van de bergrand. Mogelijk is dit de oorsprong van de naam Beth-lehem, Hebreeuws voor ‘Huis van Brood’. De velden die het dichts bij de woestijn lagen werden ook gebruikt als weidegrond voor de schaapskuddes.
In het kleine dorp Betlehem volgden de dagen elkaar op in het monotone ritme van de landbouwseizoenen van die streek totdat de gebeurtenis zonder weerga zich voordeed, die het voor altijd in de hele wereld beroemd zou maken.
Evangelist Lucas vertelt het verhaal heel eenvoudig. In die dagen vaardigde keizer Augustus een decreet uit dat de hele wereld zich moest laten registreren. Deze eerste registratie vond plaats toen Quirinius gouverneur van Syrië was. Allen gingen op weg om zich te laten inschrijven, ieder in zijn eigen stad. Zo ook Jozef; hij ging van de stad Nazaret in Galilea naar Judea, naar de stad van David, Betlehem genaamd, omdat hij uit het huis van David stamde, om zich te laten inschrijven, samen met Maria, zijn verloofde, die zwanger was. (Lc 2,1-5).
De afstand van Nazaret naar Betlehem was ongeveer 150 km. De reis zal voor Maria bijzonder zwaar zijn geweest, gezien haar situatie.
De huizen van Betlehem waren bescheiden, net zoals in andere delen van Palestina. De dorpelingen gebruikten natuurlijke grotten als opslagplaatsen en als stal. Zij groeven nog meer grotten uit aan de kant van de bergrand. In één van deze is Jezus geboren. Terwijl ze daar waren kwam voor haar de tijd dat ze moest bevallen, [7] en ze baarde een zoon, haar eerstgeborene; ze wikkelde Hem in doeken en legde Hem in een voerbak, omdat er geen plaats voor hen was in het (Lc 2, 6-7).

Een Baby die God is
De voorzienigheid van God heeft de dingen zo gearrangeerd dat Jezus, het vlees geworden Woord, de Koning van de wereld en de Heer van de geschiedenis, in totale armoede geboren is. Hij had niet eens wat een arm gezin liefdevol had kunnen voorbereiden voor de geboorte van hun eerstgeboren zoon. Het enige wat hij had was doeken en een voerbak, ook kribbe genoemd.
“Wij zullen nooit echt blij zijn als wij Christus niet werkelijk volgen, als wij niet nederig zijn zoals Hij. De vraag dringt zich weer op: ziet u waar de grootheid Gods verborgen gaat? In een kribbe, in windselen, in een stal. De verlossende kracht van ons leven kan zich slechts in deemoed voltrekken, doordat wij ophouden aan onszelf te denken, doordat wij ons voor de anderen verantwoordelijk voelen”
Als Christus nu langs komt, 18

“Net zoals in het voedsel zout wordt gedaan om het smakelijk te maken, zo moeten wij ons leven altijd zouten met nederigheid. Mijn dochters en zonen, handel niet als een kip die een ei legt en daarna kakelend rond loopt. Ik heb die vergelijking niet uitgevonden; deze is door spirituele schrijvers al vier eeuwen lang gebruikt. We moeten apostolaat doen en ons werk uitvoeren – met ons hoofd of met onze handen, maar altijd apostolisch – met grote ambities en grote wensen om God te dienen en onopgemerkt te blijven, erop vertrouwend dat Hij ze alle waar zal maken”
H. Jozefmaria, aantekeningen van een meditatie, 25 december 1972.

Altaar van de drie koningen, tegenover de the kribbe. Foto: Alfred Driessen
Altaar van de drie koningen, tegenover de the kribbe. Foto: Alfred Driessen

Betlehem en de vroege christenen
Vanaf het prille begin waren de leerlingen van de Heer en de eerste christenen zich sterk bewust van het belang van Betlehem. Halverwege de tweede eeuw schreef st. Justinus, die een geboren Palestijn was, de herinneringen op die bij de inwoners van Betlehem van ouders op kinderen waren doorgegeven over de stal waar Jezus geboren was (cf. st. Justinus, Dialoog met Trypho, 78, 5).
In de eerste decennia van de volgende eeuw getuigde Origenes dat de plek van de geboorte van Jezus lokaal perfect bekend was, zelfs onder de niet-christenen. “In overeenstemming met wat de Evangeliën vertellen, tonen de inwoners van Betlehem u de grot waar Jezus geboren was en, binnen in de grot de kribbe waarin Hij was neergelegd, gewikkeld in doeken. En wat op die plaatsen getoond wordt is zelfs onder hen die niet het christelijk geloof aanhangen beroemd. ‘In deze grot’ vertellen ze je, ‘was Jezus geboren die aanbeden en vereerd wordt door de christenen’ (Origenes, Contra Celsum, 1, 51).
Ten tijde van keizer Hadrianus bouwden de keizerlijke autoriteiten heidense tempels op verschillende plaatsen die door de christenen vereerd werden zoals het Heilig Graf en Calvarië. Zij hoopten daarmee alle sporen van Christus’ leven op aarde te verwijderen. ‘Van de tijd van Hadrianus tot het rijk van Constantijn, een periode van ongeveer 180 jaar, werd een standbeeld van Jupiter vereerd op de plaats van de verrijzenis. Een marmeren beeld van Venus was door de Romeinen op de heuvel van het Kruis gezet. De aanzetters van de vervolging beelden zich ongetwijfeld in dat als de heilige plaatsten werden vergiftigd door afgoden, het geloof in de Verrijzenis en het Kruis zou worden vernietigd’ (st. Hieronimus, Brieven, 58, 3).

Geboorteplaats van Jezus. Foto: Antoine Taveneaux (Wikimedia Commons).
Geboorteplaats van Jezus. Foto: Antoine Taveneaux (Wikimedia Commons).
De Basiliek van de Geboorte: geschiedenis
Keizer Constantijn heeft een grote basiliek over de stal gebouwd, die gebaseerd was op deze constante, unanieme traditie. Deze werd ingewijd op 31 mei 339. Een van de aanwezigen was st. Helena, die de drijvende kracht achter de hele onderneming was.
Van de eerste basiliek is niet veel over door brandschatting en vernietiging tijdens de Samaritaanse opstand van 529. Toen de vrede hersteld was werd Betlehem versterkt en keizer Justinianus gaf het bevel een nieuwe basiliek te bouwen op de zelfde plaats als de eerste, maar groter. Deze basiliek staat er nog steeds. Zij heeft verschillende invasies overleefd, toen de andere Constantijnse-Byzantijnse kerken werden vernietigd. Het verhaal gaat dat de Perzen, die in 614 bijna alle kerken en kloosters in Palestina vernietigden, besloten hebben om alleen de basiliek van Betlehem uit respect te sparen. De Perzen vonden in de basiliek een mozaïek dat de Drie Koningen voorstelde, gekleed in Perzische klederdracht. De basiliek kwam ook bijna onbeschadigd te voorschijn uit de invasie in het Heilig Land van de kalief van Egypte in 1009 en uit vele veldslagen die uitgevochten zijn na de aankomst van de kruisridders in 1099.
Na de vele spanningen in de geschiedenis, te veel om op te noemen, werd in 1347 het behoeden (custodia) van de stal en basiliek toevertrouwd aan de Franciscanen. Dit doen zij tot op de dag van vandaag, hoewel de Grieks orthodoxe, de Syrische en Armeense kerken ook rechten hebben in deze heilige plaats.

De buitenkant van de basiliek
Vanaf het plein aan de voorkant van de basiliek krijgt de bezoeker de indruk dat hij voor een middeleeuws fort staat. De indruk ontstaat door de dikke muren en schietgaten, onderbroken door enkele kleine ramen. De ingang is een deur die zo klein is, dat slechts één persoon tegelijk erdoor kan en dan nog bukkend en met moeite. Paus Benedictus XVI verwees in zijn preek in de nachtmis van 2011 naar de toegang van deze basiliek:
‘Vandaag, zal iedereen, die de Kerk van Jezus’ Geboorte in Betlehem wil binnengaan, ervaren dat de ingang van 5,5 meter hoog, waardoor keizers en kaliefen het gebouw binnen gingen, nu grotendeels door een muur is afgesloten. Slechts een kleine opening van 1,5 meter hoog is overgebleven. De bedoeling was waarschijnlijk om de kerk een betere bescherming te bieden tegen aanvallen en te voorkomen dat mensen Gods huis betraden zittend op een paard. Iedereen die de plaats van Jezus’ geboorte wil binnengaan moet buigen. Het lijkt me dat hier een diepere waarheid wordt onthuld, die onze harten zou moeten raken in deze heilige nacht. Als we de God willen vinden, die als een Kind bij ons kwam, moeten we afstijgen van het hoge paard van ons ‘verlicht’ verstand. We moeten onze valse zekerheden opzij zetten, onze intellectuele hoogmoed, die ons verhinderd Gods nabijheid te herkennen’ (Benedictus XVI, preek, 24 december 2011).

Detail van de vloer. Foto: Leobard Hinfelaar.
Detail van de vloer. Foto: Leobard Hinfelaar.
Van binnen: de stal van de Geboorte
De basiliek is gebouwd in de vorm van een Latijns kruis, met vijf naven en is 54 meter lang. De vier rijen van roze marmer kolommen geven harmonie. Op sommige plaatsen is het nog steeds mogelijk de resten van de mozaïeken te zien die de vloer van de basiliek van Constantijn bedekt hebben. Op de muren zijn fragmenten bewaard van mozaïeken, die uit de tijd van de kruistochten stammen.
Maar het centrum van deze grote kerk is de Geboortegrot, die onder het priesterkoor ligt. De grot heeft de vorm van een heel kleine kapel, met een kleine zijbeuk aan de oostelijke zijde. De muren en plafond zijn zwart van de rook van de kaarsen die door generaties devote christenen zijn aangestoken. Onder het altaar is een zilveren ster, die de plaats aangeeft waar Christus geboren is uit de Maagd Maria. Een inschrift zegt: Hic de Virgine Maria Iesus Christus natus est :hier is Jezus Christus geboren uit de Maagd Maria. De kribbe waar Maria het Kindje gelegd heeft na hem in doeken te hebben gewikkeld is in een kleine kapel naast de grot. In feite is het een gat in de rots. Dit gat is heden bekleed met marmer en in het verleden was het bekleed met zilver. Tegenover de kribbe is het Altaar van de Drie Koningen met een altaarstuk dat de gebeurtenis van Epifanie voorstelt.

Zie ook Website van de Franciscanen in het Heilig Land.

Tijdens het Jaar van het Geloof naar het Heilig Land?
20 - 28 mei 2012: Reis naar het Heilig Land vanuit Nederland
,
De reis wordt georganiseerd door Onze Lieve Vrouwe Kerk te Amsterdam.

The deur is nauwelijks anderhalve meter hoog. Foto: Leobard Hinfelaar
The deur is nauwelijks anderhalve meter hoog. Foto: Leobard Hinfelaar
Auteur: E. Gil
Plattegrond, Julian de Velasco
Plattegrond, Julian de Velasco