HomeHeilige JozefmariaSpreken met GodDe parabel van de zaaier
Heilige Jozefmaria
Woorden van de heilige Jozefmaria

De parabel van de zaaier

Tags: Evangelie, Strijd
Een grote menigte verzamelde zich en uit alle steden kwamen de mensen naar Hem toe. Toen vertelde Hij deze gelijkenis: ‘Een zaaier ging het land op om zijn zaad te zaaien. Bij het zaaien viel er een deel op het pad; het werd vertrapt en de vogels van de hemel aten het op.[…] Het zaad is het woord van God. Het zaad op het pad, zijn zij die geluisterd hebben. Maar dan komt de duivel en rooft het woord uit hun hart weg om te voorkomen dat ze door te geloven gered worden.’ (Lc 8,4-5;11-12)

“Wij zien ook dat een deel van het zaad in onvruchtbare aarde valt, of tussen doornen en struikgewas: dat er harten zijn die zich sluiten voor het licht van het geloof. Al worden de idealen van vrede, verzoening en broederschap aangenomen en geproclameerd, ze worden te dikwijls door de feiten gelogenstraft. Sommigen doen vergeefs hardnekkige pogingen om de stem van God te smoren. Om de verbreiding ervan te verhinderen, nemen ze hun toevlucht tot brute kracht of tot een minder luidruchtig, maar misschien wreder wapen, omdat het de geest ongevoelig maakt: de onverschilligheid.”
Als Christus nu langs komt, 150

Een ander gedeelte viel op de rotsgrond; het schoot wel op maar droogde uit, omdat het geen vocht had […]. Dat op de rots, zijn zij die het woord met blijdschap ontvangen wanneer zij het horen, maar zij hebben geen wortel, zij geloven voor een ogenblik, maar ten tijde van beproeving vallen zij af.

“Er zijn er heel wat die zich christen noemen, - want ze zijn gedoopt en ontvangen de andere sacramenten -, maar die blijk geven van ontrouw, leugenachtigheid, onoprechtheid, hoogmoed... En plotseling vallen ze. Zij zijn net sterren die een ogenblik aan de hemel stralen en dan, plotseling, onherroepelijk naar beneden storten.

Omdat we daadwerkelijk Zijn kinderen zijn, wil God dat we zeer menselijk zijn. Dat ons hoofd de hemel raakt en dat we tegelijkertijd met beide benen op de grond staan. De tol voor een christelijk leven is niet op te houden mens te zijn, op te houden met pogen die deugden te verwerven die sommigen hebben zonder Christus te kennen. De prijs van elke christen is het verlossend bloed van de Heer die wil dat wij – ik zeg het nog eens duidelijk – zeer menselijk en zeer goddelijk zijn in onze dagelijkse poging tot navolging van Hem die volmaakt God, volmaakt Mens is.”
Vrienden van God, 75

Weer een ander gedeelte viel tussen de distels, maar tegelijkertijd schoten de distels op en verstikten het. […] Wat onder de distels viel, zijn zij die wel geluisterd hebben, maar gaandeweg door de zorgen, de rijkdom en de genoegens van het leven verstrikt raken en niet tot rijpheid komen. (Lc 8,7-14)

“Schaam je er niet voor als je ontdekt dat je de neiging tot het kwaad in je hart hebt. Dat zal je hele leven zo blijven; niemand is vrij van deze last. Schaam je er niet voor, want de Heer die almachtig en barmhartig is, heeft ons de middelen gegeven om deze neiging tot het kwaad te overwinnen: de sacramenten, het gebedsleven, werk dat aan Hem wordt opgedragen. Gebruik die middelen met volharding en wees bereid steeds weer opnieuw te beginnen, zonder de moed te verliezen.”
De Smidse, 119

Nog een ander gedeelte viel op goede grond; het schoot op en bracht honderdvoudige vrucht voort. […] Het zaad in de goede aarde zijn zij, die het woord dat Zij hoorden in een goed en edel hart bewaren en vrucht voortbrengen door hun standvastigheid. (Lc 8,8-15)

Het woord van Jezus is het zaad dat in vele zielen het verlangen laat groeien om zich te geven en trouw te zijn. Het doen en laten van hen die God dienen, hebben de geschiedenis veranderd. Zelfs velen van hen die de Heer niet kennen, worden, misschien zonder het te weten, bewogen door de idealen waarvan de oorsprong in het christendom ligt.
Als Christus nu langs komt, 150